donderdag 2 april 2020

Tot de laatste man

Auteur: Ian Kershaw
Terwijl de rampzalige nederlaag begin 1945 zich in alle hevigheid
aandiende, werd er door de Duitsers wel gezegd dat ze liever kozen voor 'een einde vol leed, dan leed zonder einde'. Het 'einde vol leed' vond dan ook op grote schaal plaats, zoals nog nooit eerder in de geschiedenis is voorgekomen. Enkele bloedstollende cijfers van de laatste maanden zijn de half miljoen burgerslachtoffers en de 350.000 slachtoffers per maand bij
alleen al de Wehrmacht. Veel van dit alles had voorkomen kunnen worden als Duitsland had willen buigen voor de geallieerde voorwaarden. Waarom vocht het Duitse volk, tegen beter weten in, door tot het bittere einde?
Ian Kershaw stelt in zijn boek 'Tot de laatste man' deze vraag
centraal. In een onovertroffen stijl vertelt hij over de gebeurtenissen
tussen juli 1944, vanaf de mislukte aanslag op Hitler, en de geallieerde overwinning in mei 1945. De focus ligt bij de Duitse bevolking, die het zwaar te verduren had met luchtaanvallen, op de vlucht moest voor
het oprukkende Rode Leger en getuige was van de verschrikkelijke dodenmarsen van concentratiekampgevangenen.
(omschrijving overgenomen van de Standaard boekhandel)
Het boek is erg gedetailleerd en beschrijft zelfs soms tot op dorpsniveau het functioneren van de NSDAP (de partij van Hitler). Enige voorkennis is wel handig.
Gezellig leesvoer is het uiteraard niet, maar wel vlot geschreven. Men krijgt een indringend en soms mensonterend verslag hoe Duitsland de oorlog verloren heeft, vooral dan bekeken vanuit Duits standpunt. Een eyeopener voor al wie graag meer wil weten in detail over het einde van Hiltlers “Derde Rijk”
Sir Ian Kershaw is een Engels hoogleraar moderne geschiedenis aan de University of Sheffield en geldt als een van 's werelds meest prominente onderzoekers van nazi-Duitsland.

woensdag 25 maart 2020

Scheikunde voor in bed, op het toilet of in bad



Auteur: Ludo Juurlink



Afbeeldingsresultaat voor scheikunde voor in bed op het toilet of in badDe titel doet denken aan een moppenboekje. Zo eentje met cartoons op elke bladzijde waar je supersnel doorheen bladert. Niets is minder waar. Scheikunde voor in bed, op het toilet of in bad is een serieus boek waarin de auteur voor iedereen zo eenvoudig mogelijk de basisprincipes van de scheikunde uitlegt. Hij doet dit op een toegankelijke manier zonder (over) te simplifiëren. Het is niet moeilijk, iedereen kan het volgen maar je moet er wel een beetje moeite voor doen. Het kopje erbij houden is de boodschap.

Scheikunde is volgens Juurlink de centrale wetenschap. Ze verbindt verschillende andere wetenschappen (wiskunde, fysica, biologie en hun deeldisciplines) én staat centraal in heel wat maatschappelijke discussies. Al beseffen we dat niet altijd. Daarom dat dit zo’n interessant boek is.

In tegenstelling tot filosofie, wiskunde en natuurfilosofie, de latere natuurkunde of fysica, is scheikunde een jonge wetenschap. Omdat scheikunde gebaseerd is op moleculen en atomen, en atomen pas voor het eerst ter sprake kwamen rond het einde van de 18de, begin 19de eeuw, is deze wetenschap pas enkele honderden jaren oud, Ze heeft dus een paar duizend jaar achterstand. 

Bijna als vanzelfsprekend begint Juurlink zijn boek met een beschrijving van het Periodiek Systeem van elementen. Die grote tabel die in elk laboratorium en in veel klaslokalen aan de muur hangt. Deze tabel is de bijbel van de scheikunde en de onnoemelijke hoeveelheid informatie die het bevat kan bijna elk chemisch verschijnsel verklaren. Daarna wordt de atoomstructuur onder de loep genomen. Van het eenvoudige basisidee van Dalton tot de huidige kwantummechanische visie ervan. Nadien gaat het over moleculen en chemische bindingen die uiteindelijk enkel te maken hebben met de buitenste ‘valentie’elektronen van het atoom. Het wordt duidelijk hoe atomen op verschillende manieren aan elkaar kunnen binden en hoe je daar eigenschappen van stoffen uit kan afleiden.

Er zijn miljarden en miljarden atomen en moleculen om ons heen. Met zo’n grote getallen werken is moeilijk. Daarom hebben scheikundigen het begrip ‘mol’ ingevoerd. De mol is essentieel voor scheikunde en wordt dus uitvoerig belicht. Daarna komen chemische reacties aan de beurt met hun thermodynamische grondslag en kinetiek. Neerslagreacties, zuur-base reacties en redoxreacties worden uit de doeken gedaan, veelal aan de hand van praktische voorbeelden uit het dagelijks leven.

We zijn ongeveer in de helft van het boek en van mij had het hier mogen stoppen. In de tweede helft van z’n boek probeert de schrijver de uit te leggen dat scheikunde alomtegenwoordig is. Hij legt de scheikundige achtergrond bloot van een roestende fiets hoe we iets proeven met onze tong, hoe in onze cellen stoffen en energie geproduceerd en aangemaakt wordt, wat er gebeurd als we ademen en eten en nog veel meer. Allemaal enorm interessant en, het moet gezegd, goed en begrijpelijk uitgelegd. Maar om alles goed uitgelegd te krijgen moet de auteur uitweiden. Heel dikwijls gaat het over organische scheikunde en biochemie waarvan hij de basis jammer genoeg niet (voldoende) aanbrengt. Daardoor wordt het geheel moeilijker te volgen. Dezelfde opmerking geldt voor de voorbeelden die op het einde van het boek gegeven worden rond maatschappelijke thema’s als drinkbaar water, onze atmosfeer en klimaatverandering.

Maar laat dat laatste vooral de pret niet bederven. Lezers met een gezonde interesse in exacte wetenschappen en een grondiger inzicht willen krijgen in scheikunde komen zeker aan hun trekken.

maandag 27 januari 2020

Superlogisch


Superlogisch

Auteur: Ionica Smeets

Ionica Smeets is wiskundige én hoogleraar wetenschapscommunicatie. Een alles behalve evidente combinatie: Een wiskundige die het goed kan uitleggen! Smeets verzorgt al jarenlang een wekelijkse rubriek in de Nederlandse 'Volkskrant'. Daarin beschrijft ze op een heel toegankelijke manier wiskundige aspecten die in het dagelijkse leven opduiken. De stukjes zijn helder en vaak zelfs grappig, iets wat van de meeste teksten over wiskunde ook weer zelden voorkomt. 
In 'Superlogisch' serveert Smeets een selectie van de columns uit de Volkskrant. Als je écht wil weten hoe wiskunde, en vooral getallen, in elkaar zitten, moet je dit lezen. De columns zijn kort en steeds hapklaar. Toch hebben ze altijd voldoende diepgang en nodigen uit tot nadenken. Op het einde van het boek geeft Smeets zeven tips om de wereld beter te begrijpen, met getallen. Ik was verbaasd en blij tegelijk toen ik erachter kwam dat ik enkele van die tips onbewust al toepas. Of ik ook de wereld beter begrijp laat ik in het midden.