Een boek dat door vrienden werd aanbevolen als een topthriller en als je de recensies zou mogen geloven: “een onverwachtse ontknoping, een meer dan spannend verhaal met karakters die diepgang hebben”. Vooreerst is dat van alles niets van aan, pure reclame en puur Amerikaans. Iedere burger heeft een pistool, ‘fuck’, ‘shit’ en ‘pokkenhoer’ is de gemeentaal en wat de diepgang van de karakters betreft beperkt zich dat tot een goedkoop liefdesverhaaltje dat de hoofdrolspeler commissaris Jeffrey Tolliver heeft met dokteres, Sara (something) uit het plaatselijke ziekenhuis. Wanneer Sara en Jeff een avondwandelingetje maken ontdekken ze per toeval een graf van een jong meisje. Alle sporen leiden naar de kerkgemeenschap - een gehele familie eigenlijk - die daar de touwtjes in handen heeft. Al van kilometers afstand weet je dat een van de familieleden het gedaan heeft. Nu goed, dan kan het nog spannend worden, maar Slaughter slaagt er geen enkele keer om de suspens erin te houden. In de eindscène houdt iedereen iedereen in bedwang met een revolver (hoe Amerikaans) en raar maar waar er valt een onschuldig slachtoffer (een moeder waarvan het kind op de arm van zijn oom zit, de verantwoordelijke voor al deze moorden), het kind wordt gereanimeerd door Jeff en de moeder sterft in de handen van zijn assistente, maar over de dader wordt geen woord gesproken ! Ik heb de passage nog eens opnieuw gelezen, had ik iets gemist ? Er wordt niets geschreven hoe hij onschadelijk wordt gemaakt en bovendien komt er nauwelijks een verklaring dat het misdaadscenario dat Jeff in gedachten had inderdaad de ware toedracht was en hoe het verder afliep. De ‘topthriller’ eindigt dat Jeff het met zijn aanstaande schoonfamilie het goed maakt en dat hij met Sara gaat trouwen.
Een slappe titel ook en het gehele boek is een absolute flop, 462 bladzijden verspilde tijd.

Geen opmerkingen:
Een reactie posten