
Paolo Giordano
Alice krijgt als kind een zwaar ski-ongeval dat haar voor het leven tekent.
Mattia laat zijn gehandicapt zusje Michela op een bankje in het park achter om naar een verjaardagsfeestje te gaan. Als hij terugkomt is zijn zus spoorloos verdwenen.
Mattia en Alice worden vrienden, hoe kan het ook anders, ze zijn allebei heel apart, hebben de nodige problemen -Alice is anorectisch en Mattia leidt aan zelfverminking- en passen niet in de maatschappij. Ze vinden elkaar in al hun eenzaamheid ook nooit écht.
Volgens Mattia, die een wiskundig genie is, zijn ze als een paar priemgetallen, ze staan dicht bijeen, maar kunnen elkaar nooit bereiken, want er staat al een (even) getal tussen.
Het is een complexe wereld waar deze mensen in leven en het komt niet goed. Hun ouders hebben ook geen antwoord op de moeilijke situatie.
Er werd nogal wat gedaan over dit boek, maar wat mij betreft, voldeed dit niet helemaal aan de verwachtingen. Het verhaal gaat over de menselijke psyche in al zijn complexiteit en hoe sommige mensen daarmee worstelen. Misschien ben ik een te nuchter persoon om al die verwarde en beschadigde mensen helemaal te volgen.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten