We maken
kennis met Jakob, een jonge dertiger op de dool in de grote stad.
Zijn vrienden hebben baby's en burn-outs, hij niet. Eén obstakel
staat er nog tussen hem en zijn nieuwe ik: zijn jeugdliefde Jade, een
even succesvolle, excentrieke als egocentrische fotografe. 'Jade is
rook. Rook waaraan ik verslaafd ben.' zegt hij. Ze weet Jakob alleen
te vinden wanneer ze hem nodig heeft, bijvoorbeeld om haar
vakantiekind Andreas uit Roemenië te droppen. Het kind wordt de
kroongetuige van de val van Jakob, die zijn Jade-verslaving
tevergeefs in de armen van surrogaatmeisjes probeert te bezweren.
Zelfs een knap spook - Jades overleden tante Elise, die niet om
levenswijsheid verlegen zit - kan 'm niet redden.
Saskia
de Coster jaagt haar verhaal- in haar originele beeldende stijl en
met verrassend veel vaart - naar een soortgelijke dramatische
ontknoping. Maar het blijft lichtvoetig: aangenaam
lichtvoetig, dat wel en literatuur is het zeker.

Geen opmerkingen:
Een reactie posten