Auteur Wim Coster
In 1717 wordt in de bossen bij Zwolle
een volkomen verwilderd meisje aangetroffen. Na lang puzzelen blijkt
ze uit Antwerpen afkomstig te zijn. Als peuter verdween ze nadat een
vriendelijke dame aan de moeder vroeg of ze met het kind eens een
wandelingetje mocht maken. Nadien was ze spoorloos. Hoe goed ook er
naar haar gezocht werd door de moeder en de autoriteiten, ze was
nergens te vinden, tot ze jaren later opdook in het Nederlandse
Zwolle. Haar aaneengegroeid kleine teentje gaf het sluitend bewijs
dat het Anna-Maria was, later werd ze door de moeder ook herkend.
Tot daar het volledige verhaal. Wie
een avontuurlijke of spannende roman had verwacht, komt bedrogen uit.
Het is een nogal saai semi-wetenschappellijk werk geworden met
talloze uitweidingen over verdwenen en verwilderde kinderen in
Europa. Wat er gebeurde tussen haar ontvoering, hoe ze overleefde en
de dag dat ze ontdekt werd, wordt met geen woord over gerept. Hoe het
haar verder verging, wordt nauwelijks aangeraakt. Heeft ze leren
spreken of is ooit getrouwd ?
Waarom een boek schrijven van 182
bladzijden wat in een tiental regels kan gezegd worden.
Ontgoocheling.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten