zaterdag 31 december 2011

Want de roos overleefd

Auteur: Manu Adriaens

Een biografie over het leven van Ann Christy, gelezen als achtergrond van een volgend toneelstuk. Adriaens is een Story / Dag allemaal redacteur en bakt er niets van in deze biografie. De tekst is hakkelend (zelfs geen behoorlijk Nederlands), springt van de hak op de tak en de oorspronkelijke bedoelde tijdlijn kan hij zelfs niet aanhouden. Natuurlijk kom je veel te weten over het leven van de zangeres maar eender op een amateuristische manier. Nee, Ann Christy toch een van de betere in de stal van Vlaamse artiesten had beter verdiend dan deze povere hommage. Haar relatief intieme relatie met kledingontwerperster Ann Salens komt nauwelijks aan bod, daarentegen wordt haar laatste maanden als kankerpatiënt in het lang en breed uitgesmeerd. Adriaens is alleen op sensatie uit, me dunkt, net zoals zijn artikels in Story en Dag allemaal. Anderzijds leest het boek vlot, maar is erg “goedkoop”, zelfs ik had beter gekund. De nagedachtenis van Ann Christy heeft beter verdiend.

vrijdag 30 december 2011

The Beatles (een geschiedenis in beelden)

Auteurs: Marie Clayton & Tim Hill

Over de Beatles zijn al onnoembare boeken verschenen. Deze uitgave heeft maar ene meerwaarde, namelijk dat er foto’s uit de Daily Mail gebruikt worden die niet of nauwelijks zijn verschenen. Unieke beelden als het ware, de (weinige) teksten in het boek zijn alom bekend en hebben geen meerwaarde. De foto’s dan weer wel, ze zijn nooit of zelden vertoond en geven dan weer een andere kijk op het fenomeen van de Fab Four. Het is vooral een kijkboek waar men (nostalgisch) heerlijk kan in grasduinen. Voor elke Beatlefan een must, voor elke andere, een ontdekking van nooit eerder gepubliceerde afbeeldingen van de meest invloedrijke popgroep van de 20e eeuw.

Speer


Auteur: Joachim Fest
Een zeer gedetailleerde biografie van de lievelingsarchitect van Adolf Hitler. De Britse historicus Trevor-Roper noemt Albert Speer de ware misdadiger van Nazi-Duitsland. Andere bronnen noemen hem dan weer de enige nazi, onder het regime van de Führer,  met een menselijk gelaat. Beide aspecten komen ruimschoots aan bod, zij het dan met de (hedendaagse) wetenschap dat Fest ook niet helemaal vrij te pleiten is van onpartijdigheid. Ook na zijn vrijlating na de 20 jaar gevangenis exact (tot op het uur) te hebben uitgezeten, laat de wereld Albert Speer niet gerust. Een kruis die hij tot zijn laatste dagen zal meezeulen. In deze verhelderende biografie probeert de schrijver de talloze tegenstrijdigheden onder een noemer te brengen. Enerzijds de mening van velen dat Speer toch maar een architect of een kunstenaar was, anderzijds de ogen sluitend voor het opeisen van gedwongen werkkrachten in concentratiekampachtige omgeving tijdens zijn periode als bewapeningsminister.

In zijn bijna twintig bladzijden tellend besluit, komt Fest er ook niet uit en laat het aan de lezer over hoe de geschiedenis Speer beoordeeld heeft of zal beoordelen.
Speers inspanningen door het bevel van Hitler te omzeilen, om Duitse steden en industrie letterlijk te vernietigen, geven dan weer een heel ander beeld van deze topminister. Door het bevel te negeren, ja zelfs tegen te werken, verloste dit besluit hem tenslotte waarschijnlijk van de strop.
De 20 maal 365 dagen in Spandau zullen echter een stempel op zijn leven zetten.
De inzichten die Joachim Fest oplevert, dragen bij aan het begrip van de breuk die in 1933 optrad onder de (gewone) Duitsers dat van hun land van oude normen en tradities vervreemde en hun tot barbarij en misdaden bracht. Heel het boek is in een nogal academische stijl geschreven en leest niet zo supervlot, maar men komt veel te weten hoe aan het “hof” van Hitler eraan toeging. Een zeer diepgravende analyse van het Derde Rijk, maar – en dat weten we nu - spijtig genoeg gekleurd door de commerciële belangen van de schrijver.
Wie meer wil weten over deze ontwerper van de eerste wereldhoofdstad “Germania”, de Berlijnse rijkskanselarij en zijn vriendschap met de dictator moet absoluut dit boek lezen.
Alleen, zo schrijft Speer ontgoocheld in zijn memoires, blijft er van  al deze projecten en bouwwerken niets meer over. Behalve enkele door mezelf ontworpen straatlantaarns in Berlijn.

woensdag 21 december 2011

Te zot of te bot (een pamflet)

auteur: Monika Van Paemel
 

De schrijfster tekent een haarschep portret van onze huidige samenleving, waarbij ze geregeld uithaalt naar extremistische standpunten van ‘de gewone mens’ maar ook naar politieke partijen die deze meningen verkondigen. Een heldere kijk over het België van het laatste decennium, sterk en vlot geschreven maar veel meer dan dat is het ook niet

dinsdag 13 december 2011

Een Russische schoonheid (verhalen)

auteur: Vladimir Nobokov


Dat de Russisch -Amerikaanse schrijver Nobokov een van allergrootste is geweest, is misschien niet algemeen geweten. Al eerder las ik van hem het wereldberoemde 'Lollita'. Deze keer een verzameld werk van allerlei korte verhaaltjes, het ene al beter dan het andere. Hoewel er een paar erg originele pareltjes tussen zitten, de meester aan het werk. 
Ideaal als je net genoeg tijd hebt om slechts enkele bladzijden te lezen en elk verhaaltje is weer anders. Wereldliteratuur, verpakt in dagelijkse hapklare porties, heerlijk. 

PS: Als ik goed begrepen heb is er ook nog een deel 2 van deze verhalen bundel.

zondag 27 november 2011

De intrede van Christus in Brussel


Dimitri Verhulst

Op een doodnormale doorweekte zomerdag staat er een klein berichtje in de krant. Ongeverifiëerd, maar klaar en duidelijk: Christus zelve zal op 21 juli ek. een bezoek brengen aan Brussel. Niemand reageert meteen op het bericht, al wordt gaandeweg meer en meer duidelijk dat iedereen zich op zijn manier voorbereidt.
De praktische problemen zijn ook niet te overzien: waar komt hij aan, welk traject zal hij volgen, wie moet hem ontvangen, is beveiliging voor een onsterfelijke nodig, wie spreekt er Aramees,...

Dit is een geweldig verhaal van Dimitri Verhulst, die op zijn eigen bijtende wijze geen enkel heilig huisje spaart. Het is wel spijtig dat in de tweede helft het verhaal aan spankracht verliest. Het is van het begin aan duidelijk dat Christus niet komt, maar het lijkt er op dat de auteur niet goed weet hoe hij aan het verhaal een einde, een pointe, moet maken.
Neemt niet weg dat er een aantal schitterende passages in het boek voorkomen, waarin België, de Vlamingen, politici, de kerk en nog een aantal andere instituten een veeg uit de pan krijgen.

maandag 14 november 2011

Het geheugen

Auteur: Mark E.Brown

Een semiwetenschappelijk werkje waarin de werking van het geheugen wordt uitgelegd. In een moeite krijg je ook technieken aangereikt om iets beter te memoriseren. Alhoewel een enkele bruikbaar is, dient er bij andere, eerst een lijstje van buiten geleerd te worden om het te kunnen toepassen. Voorbeeld: zo is het perfect mogelijk om alle kaarten te onthouden die gespeeld zijn tijdens een kaartspel, schrijft Brown. Alleen hoef je eerst een lijstje van 40 eigennamen van buiten te leren, niet erg praktisch ! Anderzijds geef ik de schrijver gelijk wanneer je te onthouden zaken mengt met een zelfgemaakt geestesbeeld. Stel dat je Dujardin moet onthouden, beeld u dan een franse tuin in. Een techniek die ik zelf gebruik bij het memoriseren van toneelteksten. Meer waarde heeft dit boek eigenlijk niet.

zaterdag 12 november 2011

Filip, Koning op wacht


Auteur: Erik Wellens

Wellens is een ATV- en ‘Dag Allemaal’ journalist en dan verwacht je riooljournalistiek. Zonder de man op hoge literaire hoogten te willen tillen, moet gezegd dat hij een evenwichtig beeld heeft opgehangen van onze toekomstige Koning. Hij gaat daarbij de flaters die Prins Filip heeft gemaakt niet uit de weg, maar hij laat ook zien dat de verantwoordelijkheid van vele uitspraken van de prins kunnen toegeschreven worden aan zijn naaste medewerkers. Hij geeft toe dat de prins in de scholen die hij heeft bezocht, al eens werd ‘geholpen’ door zijn leraars of dat zijn punten al eens werden ‘afgerond’ naar boven toe. Ook in het leger, als gevechtspiloot, gaven zijn oversten hem regelmatig het voordeel van de twijfel. Tussen de regels door kan men er zo uit afleiden dat Prins Filip niet het allergrootste licht is dat de monarchie heeft voortgebracht. Anderzijds laat Wellens ook zien dat de Prins zodanig werd en wordt afgeschermd, dat doodgewone alledaagse zaken voor de Prins onbekend zijn. Wanneer hij bijvoorbeeld in mess officieren niet trakteert wanneer hij zijn vleugels haalt, lachen zijn teamgenoten hem uit. Hij snapt dat niet. Wanneer hij het dan door heeft, moet hij geld gaan lenen bij een vriend want geld heeft hij niet op zak. Zulke en nog veel anekdotes zijn er in dit werk als surplus ingevoegd, is dat smeuïg ? Het geeft in elk geval een andere kijk op een Prins die er zo van doordrongen is dat hij geen fouten mag maken, zodanig dat hij ze maakt uit pure zenuwachtigheid.
Een jongen ook die getekend is door de ruzies thuis. Maar, zo besluit Wellens, zou Prins Filip wel eens goede Koning kunnen worden, want hij heeft de lessen van zijn vader, oom Koning Boudewijn, en zijn (voor)vaderen goed begrepen. Hij wil het beter doen.
Een al bij al vlot leuk werkje, iets voor tussendoor

Erik of het kleine insectenboek



Auteur: Godfried Bomans
Het verhaaltje is een magisch-realistisch sprookje van een kleine jongen die in het schilderij kruipt dat in zijn kamer hangt en de insecten ontmoet die hij in de biologieles heeft leren kennen. (in school vond ik dat mooi) en het is ook mooi beschreven, maar vandaag doet het nogal wat kinderlijk aan.
Een klassieker. (herlezen 11.2011)

maandag 7 november 2011

Logica

Auteur: Jean Paul Van Bendegem


Logica is een uitgave in de reeks 'De Essentie'.  Deze reeks omvat een aantal boekjes over de meest uiteenlopende onderwerpen waarvan dan de essentie (!) behandeld wordt.  Je krijgt dus een korte inleiding zonder dat het te technisch wordt of te gespecialiseerd.

In Logica geeft Van Bendegem een klare kijk op dit onderwerp.  Vertrekkend van eenvoudige voorbeelden maakt hij de lezer duidelijk dat logica ingewikkelder is dan het lijkt.  Hij leert je redeneringen te analyseren en te symboliseren.  Dit doet hij stap voor stap zodat je de draad niet kan verliezen.

Pas helemaal achteraan legt de auteur de link met wiskunde.  Hij stelt dat logica geen wiskunde is en dat het niet is omdat je iets met symbolen noteert het meteen wiskunde wordt.  Toch krijg je vanaf het begin het gevoel dat dit onderwerp op z'n minst raakvlakken heeft met de groepentheorie.

Alhoewel er tussen de strikte analyse die gebruikt wordt geen speld tussen te krijgen is, heb ik het er altijd moeilijk mee dat 'sociale' of 'filosofische' thema's koud geanalyseerd worden en ontdaan van alle randvoorwaarden zoals de toon of tijdsgeest.  Deze geven volgens mij een extra dimensie aan het geheel.

Dit boekje is een aanrader.  Je leest het op een avondje door en krijgt toch een goed inzicht in wat logisch zou moeten zijn.  Het proberen waard!

woensdag 2 november 2011

Tussen de aanslagen


Aravind Adiga

In dit boek wordt het leven beschreven in de fictieve handelsstad Kittur (India), in de periode tussen de aanslagen op Indira Gandhi en haar zoon Rajiv (1984-1991).
Geschiedenis en geografie van deze stad worden aan de lezer toegelicht als in een reisgids. De schrijver raadt een minimaal verblijf van zeven dagen aan. Adiga laat de nietsvermoedende 'toerist' kennis maken met mensen die hij op straat tegenkomt. Een meisje en haar broertje bedelen om drugs voor hun vader te kopen. De riksjarijder die de hele dag pakjes moet bezorgen aan de rijken. Een jongen die een bom plaatst op een Jezuïetenschool omdat hij door zijn gemengde afkomst niet geaccepteerd voelt. De eigenaar van een textielfabriek die smeergeld moet betalen.
Sociaal onrecht, armoede en het kastenstelsel bepalen ieders leven in een periode dat elke hoop is opgeblazen. Toch zijn het de mensen zelf die dit onrecht in stand houden.
Adiga schrijft in een mooie stijl, met oog voor detail.Het is zeker geen pessimistisch boek, meer een boek over hoe mensen er proberen het beste van te maken in moeilijke omstandigheden. Als lezer maak je kennis met een India die in geen enkel reisgids wordt beschreven.
Een heel aangenaam boek om te lezen.

De race naar de atoombom


De wonderjaren van de natuurkunde (1895 - 1945)

Rogier Deckmyn

Op het einde van de 19e en het begin van de 20ste eeuw deden wetenschappers fascinerende ontdekkingen. Langzaam maar zeker ontsluierden geleerden de geheimen rond atomen, straling, kwantummechanica, relativiteit,... Maar, zoals altijd in de geschiedenis, kwam met de kennis ook de mogelijkheid om die te misbruiken voor macht en oorlog.
In dit boek krijg je een overzicht van de zoektocht van mensen, wiens naam nu nog altijd doorklinkt. Hun werk, hun leven, hun kleine kantjes, hun moeilijkheden. Verder kom je ook te weten hoe het besef groeide dat men met al die nieuwe kennis een verschrikkelijk wapen kon maken. Waarom "wonnen" de Amerikanen de race naar de bom en niet bv. de Duitsers, aangezien Duitsland in het begin van de vorige eeuw aan de top stond wat wetenschap betrof? Wat was de rol van de wetenschappers zelf in deze? Hadden sommigen gewetensbezwaren, of net niet? Wie waren de spionnen? Wat waren de onvoorstelbare obstakels om uiteindelijk de bom te maken? Waarom werden ze net boven Hiroshima en Nagasaki gedropt en niet boven enige andere stad?
Wat met de bemanning van de B-29 die de eerste bom dropte?
Dit boek leest als een trein, soms zelfs als een thriller, hoewel je de uitkomst wel weet.
Fysica, politiek, geschiedenis, filosofie, de niet zo fraaie kanten van machthebbers (van welke strekking of ideologie ook), het komt allemaal aan bod in dit interessante boek.

zondag 9 oktober 2011

Een ontgoocheling


Auteur: Willem Elsschot

En klein mooi triest verhaaltje over de familie De Keizer en zoontje Kareltje met het grote hoofd dat overal buitengesloten wordt. Een mooi tijdsbeeld, waar de notabelen nog Frans spreken. Elsschot’s eerste minder bekende roman uit 1914.

De 25 beste en donkerste verhalen

 
Auteur: Jean Ray

Dezelfde opdracht als hieronder. De 25 (nogal) bombastische verhalen, komen nogal griezelig over maar tegelijkertijd schiet de auteur zijn doel een beetje voorbij door ingewikkelde plots te maken, met een overvloed aan zwaarwegende volzinnen. Na een verhaal of tien heb ik er de brui aan gegeven.

Griezelverzen I & II


Auteur: diverse



Om inspiratie op te doen voor een volgende productie, deze twee kleine werkjes gelezen. De meeste gedichtjes komen nogal kinderlijk over, met een dichtvorm in de stijl van de “de tomat, ze is plat”. Nochtans zit er hier en daar een pareltje tussen, die ik dan ook meteen geselecteerd heb om eventueel te gebruiken. Je mist niets als je dit niet gelezen hebt

vrijdag 16 september 2011

De rosse apotheek


Maya Detiège

Maya Detiège is vooral bekend als politica en dochter van haar moeder, ooit burgemeester van Antwerpen. Maar in een vorig leven was Maya apothekeres. Ze werkte als zelfstandig apotheker in Klapdorp op een boogscheut van de rosse buurt.
In haar boek vertelt zij op een prettig en vlotte manier over haar wedervaren. Dat er in die buurt rare vogels wonen, weet iedere Antwerpenaar, maar toch is de realiteit nog altijd straffer dan de fictie. Pooiers, hoeren, maffia, boodschappers, drugsverslaafden, maar ook gewone mensen die proberen een leefbare buurt te maken van hun wijk, allen passeren ze de revue. Soms was ze verbaasd over haar eigen naïeviteit, soms ziet ze dingen die er niet zijn, soms pakken de feiten je bij de keel.

Nooit melodramatisch, wel boeiend. Een stukje Antwerpen dat niet zo zichtbaar is.

dinsdag 30 augustus 2011

De helaasheid der dingen

auteur Dimitri Verhulst

In dit boek zoekt dertiger Verhulst naar de mooiste woorden voor het lelijkste Vlaanderen. In Reetveerdegem, het Aalsterse barakkendorp dat als locus terribilis van deze autobiografische schetsen fungeert, laten vaders bulderend bierscheten, heffen straalbezopen dwergvrouwen hun rokken op en wint men drie bakken bier wanneer men er als eerste in slaagt de onderbroek van het meisje van de Bijzondere Jeugdzorg van nabij te bekijken. Als men al werkt, is het als facteur, en valt men doorgaans voor tien uur 's ochtends van zijn fiets van zattigheid. Dat is zowat de toon van het boek.
Als weinig andere Vlaamse schrijvers slaagt Verhulst erin dialect te laten klinken als Nederlands, dat bovendien rijmt met zijn nostalgische, soms wat hooggestemde inborst Wanneer hij aan het slot nog eens naar Reetveerdegem terugkeert, is het vol afschuw, onaangepastheid en weemoed.
Hier beperkt de schrijver zich hier tot zijn eigen verleden. ' 'De helaasheid der dingen' is een lelijke titel voor een bijwijlen ontroerend boek maar steeds fenomenaal verteld. (Commentaar gedeeltelijk overgenomen uit Humo).  Het is ruw en boertig maar oh zo menselijk. Een aanrader.

Deelder lacht


Auteur: J.A..Deelder



Ruim een dertig korte verhalen, die worden verondersteld grappig te zijn. Hier en daar is er wel eentje bij die een glimlach ontlokt, maar over het algemeen een beetje erover en gezocht. Eveneens oer-Hollands, met uitdrukkingen die men nauwelijks begrijpt. Aangekondigd als hilarisch, wel integendeel. Deelder kan schrijven maar al bij al is het een zeer matig boek geworden en bij wijlen slaapverwekkend. Niet de moeite.

zondag 21 augustus 2011

KWANTUM

Einstein, Bohr en het grote debat over de natuurkunde


Auteur: Manjit Kumar

Omdat ik altijd al meer wilde weten over kwantumtheorie en kwantummechanica heb ik dit boek gekocht in de hoop dat er een tipje van de sluier zou opgelicht worden. En het is, denk ik, tot op zekere hoogte gelukt.  Ook al heeft Einstein gezegd dat er nooit iemand de kwantumtheoie volledig kan begrijpen, en daar heeft hij groot gelijk in gehad.

Het boek begint bij de vader van de kwantumtheorie, Max Planck, en diens ontdekkingen over de straling van en zwart lichaam.  Vanaf dat moment worden de ontwikkelingen, redeneringen, discussies en ontdekkingen, maar ook vergissingen, in de kwantumtheorie stap voor stap uitgelegd op een eenvoudige manier, zonder te vervallen in banaliteit of te sterke vereenvoudiging.  Van elke nieuwe stap worden de pro's en contra's belicht aan de hand van de opinies van de natuurkundigen die op het moment van deze ontwikkeling aan de top stonden.  Dit geeft je een goed overzicht van hoe de kwantumtheorie in de loop van meer dan een halve eeuw is ontstaan, gegroeid en ontwikkeld.

Alhoewel de ondertitel suggereert dat het enkel gaat over de meningen van Einstein en Bohr, worden alle grote wetenschappers die hebben bijgedragen aan de kwantumtheorie voorgesteld en hun inzichten toegelicht.  Met name zijn dit Planck, Rutherford, Born, Schrödinger, De Broglie, Sommerfeld, Pauli, Heisenberg, Boltzmann, Dirac, e.a. ... .  Naast het natuurkundig aspect wordt eveneens aandacht besteed aan de omgeving en historische omstandigheden waarin de natuurkunde zich afspeelde in de eerste helft van de 20ste eeuw.  Soms wordt het boek hier net iets te biografisch wat de aandacht op het echte thema doet verzwakken.

Het grote debat tussen Einstein en Bohr is eigenlijk eerder een filosofische discussie dan een natuurkundige.  Het gaat over de interpretatie van de moderne fysica.  In tegenstelling van wat vaak wordt beweerd was Einstein helemaal geen tegenstander van de kwantumtheorie. Hij kon zich eerder niet verzoenen met de Kopenhaagse interpretatie van Bohr die stelt dat de natuurkunde gebaseerd is op waarschijnlijkheden.  Wie het er in deze discussie het bij het rechte eind had ga ik niet verklappen.  Als er al een winnaar is ... .

vrijdag 12 augustus 2011

Straks Iedereen Radioactief


Auteur: Luc Pauwels

Kernenergie in België na de ramp in Japan


'Straks iedereen radiooactief?' is een uitgave van de VRT nieuwsredactie. Joernalist Luc Pauwels beschrijft in goed zestig bladzijden de huidige stand van zaken van de (Belgische) kernenergie naar aanleiding van de kernramp in Fukushima. Na een kort overzicht van de gebeurtenissen kort voor en tijdens de ramp volgt een beknopte uiteenzetting over kernsplitsing en de toepassingen ervan, inclusief kernwapens. Na deze algemene inleiding volgt een basic uitleg over de werking van de verschillende types nuclaire centrales.

Verrassend na deze technische bespreking is een politiek deel waarin Pauwels het energie beleid (of de afwezigheid daarvan) in ons land serieus op de korrel neemt. Daarin kom je ondermeer te weten dat België niet enkel een wereldleider was op vlak van civiele toepassing van kernfusie maar ook pionier in windenergie. Door wanbeleid en economische belangen is die technologie en zowat de hele energieproductie in ons land in buitenlandse handen gevallen.

Vervolgens worden de nadelen en de voordelen van kernenergie opgesomd waarbij straling en het afvalprobleem centraal staan. Ook wordt ingegaan op de alternatieve groene stroomproductie.

Dit boekje is meer dan lezenswaardig, al was het maar om de heldere kijk die het op de situatie geeft. De algemene conclusie, althans voor mij, is dat kernenergie geen toekomst heeft maar dat we nog tienduizenden jaren met de gevolgen zullen moeten omgaan van enkele decennia energieproductie. Tegelijkertijd blijkt dat volledige omschakeling op groene energie op korte termijn niet realistisch is, maar wel de enige juiste!

vrijdag 29 juli 2011

De muizenval



Auteur Agatha Christie 

 
Het wereldberoemde verhaal nog eens herlezen, waarvan de plot naar het schijnt na zoveel jaar nog steeds niet is doorverteld in de Londense theatermiddens. Dit boek bevat nog een 5-tal andere detective en moordverhalen in de stijl die we van Christie gewoon zijn. Leuk om het na zoveel jaar nog eens terug te lezen. Geenszins gedateerd. Een klassieker.

vrijdag 1 juli 2011

Over het kanaal


Auteur: Annelies Beck                                                                                           
         Dat een journaliste, een VRT corifee, een roman schrijft is misschien 
        merkwaardig. Zij heeft in pure journalistenstijl degelijk opzoekingswerk verricht bij dit –op ware feiten gebaseerd- verhaal. Zij brengt opnieuw de honderdduizenden Belgen, die gevlucht zijn naar Glasgow voor oorlogsgeweld tijdens WO 1, terug tot leven. De hoofdrolspeelster is ene Marie Claes, een jong meisje van 15 jaar, die met haar ouders meereist naar het verre Britse imperium. We maken kennis met het armzalige leven in de sloppenwijken, hoewel de familie Claes er nog redelijk vanaf komt. Wanneer de vrouwen zich verenigen –zij hebben dan nog geen stemrecht- tegen de uitbuitende huiseigenaars, besluit Marie om zich bij de betogingen aan te sluiten, zeer tegen de zin in van haar ouders. Stilaan begin de nogal naïeve Marie te beseffen dat haar vader iets te doen heeft in de uitbuiting van de huiseigenaars.
         Ongewild komt ze in opstand tegen de Belgische consul, die eigenaars verdedigt en even ongewild bewijst ze zichzelf, haar vader en de familie een slechte dienst: ze worden hun huis uitgezet.
En zo kabbelt het verhaaltje maar verder. Beck heeft nog niet geleerd dat journalistenwerk, hoe goed ook, en roman schrijven twee verschillende disciplines zijn. Je merkt dat ze taal in huis heeft maar of dat genoeg is om er een vloeiende roman mee aan elkaar smeden, is alsnog de vraag. Toch wel een verdienstelijke debuut. Voorlopig geeft ik het boek het voordeel van de twijfel

Fab

          Auteur: Howard Sounes                                                                                
         De Fab 4 kent iedereen en eigenlijk zou dit boek Fab 1 moeten heten, want het gaat uitsluitend over het leven van één van de Beatles, namelijk Paul McCartney. Anders dan andere biografieën probeert Sounes als onderzoeksjournalist op zoek te gaan naar de waarheid over Macca. Hij schuwt het niet om te schrijven dat sommige van zijn liedjes (vooral na split van de Fab 4) melige en weinig zeggende goedkope commerciële producten waren. Anderzijds geeft hij toe dat Paul tijdens de Beatlesperiode meesterwerken heeft geschreven. Een mening die ook de mijne is. McCartney komt uit het boek als een gedreven liefhebbende man vooral dan voor zijn vrouw Linda en als gedupeerde ten opzichte van Heather Mills zijn tweede echtgenote.
We volgen de ster vanaf hij John Lennon ontmoet in de jaren ’50  tot de dag dat hij zich verloofd met Nancy Shewell, zeer recent dus (2010). Een eerlijk boek waarin vele mythes en verhalen uit de roddelpers op de juiste plaats worden gezet. Het geeft soms een verrassend vernieuwde inkijk over het leven van de superster (vooral het eerste deel over The Beatles was uiteraard uitermate interessant.) Maar ook in het tweede gedeelte wordt duidelijk hoezeer hij de Beatleserfenis met zich meedraagt tot op de dag van vandaag. Het maakt ook duidelijk waarom de Beatles uit elkaar zijn gegaan en waarom het nooit tot een reünie is gekomen. Sounes besluit na meer dan 580 bladzijden dat het in eerste instantie zeker niet aan Paul lag. Wanneer John wordt neergeschoten in New York is de ‘dream over” om het in de woorden van Lennon te zeggen. Het boek leest gemakkelijk en is luchtig zonder oppervlakkig te zijn, een mooi portret van een van de grootse kunstenaars van de 20e eeuw

donderdag 23 juni 2011

De koning


Kader Abdolah

In dit boek wordt verteld over het leven van sjah Naser van Perzië. Deze vorst leefde in de 19e eeuw en kan worden beschreven als een verlicht despoot. Zijn vizier (onze premier) is een vooruitstrevend man, die inziet dat vooruitgang belangrijk is; treinen, de telegraaf, fabrieken zouden de economie van het land een boost geven. Zeker omdat de sjah het "beu is om de koning te zijn van armen, bedelaars en zieken." De moeder van de koning en haar aanhang zijn echter gekant tegen de vernieuwing, omdat zij heel veel profijt hebben bij het oude systeem.

Een verhaal, waargebeurd, van macht(smisbruik), van kortzichtigheid, van willen en niet willen, internationale belangen (Engeland en Rusland vochten toen ook al om de knikkers in Perzië),...
Een boek dat ook inzicht geeft in het onstaan van conflicten die nu nog altijd nazinderen bv. in Afghanistan. Het blijft een roman en is dus geen naslagwerk.
Het was een goed boek, maar Het huis van de moskee van dezelfde schrijver was een stuk beter.

De 100 jarige die uit het raam klom en verdween


Jonas Jonasson

Allan Karlsson wordt vandaag 100 jaar. Het wordt een groot feest in het bejaardentehuis, alleen heeft Allan er geen zin in. Hij is het beu op elke morgen pap te moeten eten, een borrel mag niet, want dat is slecht voor de gezondheid, bovendien is hij het beu om bang te zijn van zuster Alice. Het enige waarop hij wacht in het tehuis is de dood. En ook dat is hij beu, dus besluit hij om uit het raam te stappen -gelukkig is zijn kamer op het gelijkvloers- en gaat op avontuur. Allan is nog erg kwiek en vlug van geest voor zijn 100 jaar en met zijn gewone zorgeloosheid gaat hij naar het busstation om op de eerste bus te stappen die daar vertrekt. Terwijl hij wacht, vraagt een jongeman om even op zijn koffer te passen terwijl hij naar het toilet moet. Dat doet Allan, maar wanneer de jongeman nog niet terug is als de bus gaat vertrekken, neemt de bejaarde de koffer maar mee. Dit is het begin van een geweldig avontuur. Parallel met dit verhaal wordt ook het onwaarschijnlijke leven van Allan beschreven. Allan heeft namelijk nogal wat groten der Aarde ontmoet in zijn lange leven en hier en daar de loop van de geschiedenis mee bepaald.

Dit is een heel plezierig boek om te lezen, grappig, vlotte stijl, een Pippi Langkous ontmoet Forrest Gump-verhaal. Ongeloofwaardig, maar een kniesoor die daar op let. Ideaal voor bij een drankje in het zonnetje. Nadien zal je vast ook eens nadenken over wat jij zou doen, als je net als Allan uit het raam zou klimmen en alles achterliet om opnieuw te beginnen.

vrijdag 17 juni 2011

Het diner


Herman Koch

De ik-verteller gaat samen met zijn vrouw uit eten. In een duur restaurant, geheel tegen zijn zin. Ze zullen gaan eten met een ander koppel, die niet meteen hun beste vrienden zijn.
Waarom ze dan toch samen gaan eten? Hun respectievelijke zonen hebben iets misdaan en daar moeten ze het eigenlijk eens over hebben.
Pas door het verhaal te lezen kom je te weten met wie de ik-verteller gaat eten en wat er gebeurd is. Het meest schokkende en verrassende vond ik de oplossing die de verteller voorstelt.
Ik blijf opzettelijk vaag over het plot, voor het geval je zelf het boek wil lezen.

Er is nogal een hype geweest rond dit boek en ik had dan ook hoge verwachtingen, die helaas niet helemaal zijn ingevuld. Nu moet ik er wel bij vermelden dat ik over het algemeen niet zo'n fan ben van Nederlandse schrijvers. Er is iets in hun stijl die me niet aanspreekt.
Toch is het wel een boeiend boek, je wil echt wel weten wat er nu juist gebeurde en wat de ouders met dit alles gaan doen. Het minste wat je kan zeggen, is dat het je doet nadenken wat je zelf in die situatie zou doen.
Laat me stellen: goed zonder meer.

donderdag 16 juni 2011

Het lied van de grotten


Auteur: Jean Auel

Hoe begin je aan boekbespreking van een 770 bladzijden tellend turf ? Om te beginnen is het boek niet een complete afgang geworden, zoals in de eerste lezersbrieven werd geschreven die kort na het verschijnen van het zesde– en wel degelijk definitief – laatste deel van de saga van de aardkinderen, de toon aangaven. Alhoewel ik de ontgoochelde lezers, die slechts een paar hoofdstukken ver waren, wel kan begrijpen, onmiddellijk daarover meer.
“Land of the painted caves” heet de oorspronkelijke titel. Op het eerste zicht een onbegrijpbare vertaling maar als je boek uit hebt, kan je inkomen wat de vertalers bedoeld hebben. Anderzijds zou “het land van de beschilderde grotten” en even goede titel kunnen geweest zijn, maar dat dan toch even terzijde.
“Het lied” begint heel spannend. Een groep reizigers, waaronder de protagonisten Ayla, Jondolar en de voornaamste leiders, stuiten op een grote groep holenleewen die hen de weg versperren. Door een doordacht aanvalsplan, slagen ze erin om het alfamannetje en het alfawijfje te doden, waardoor ze de enorme carnivoren op de vlucht kunnen jagen. Maar na dit eerste indrukwekkende hoofdstuk valt het boek stil. De Zeladoniërs (Jondolars volk) gaan zoals elk jaar naar de Zomerbijeenkomst, waar verbintenissen (soort huwelijk) worden aangegaan tussen de verscheidene grotten, jachtpartijen worden georganiseerd (om de wintervoorraden op peil te brengen) en waar de Zeladoni’s (de geestelijke leiders en medicijnvrouwen) gezamenlijk De Moeder (god) vereren. Ayla is inmiddels acoliet (leerling) van de Zeladoni geworden. Hoewel zij slechts leerling is, overklast ze op verscheidene terreinen de leer en de kennis van de Zeladoni’s en dat terwijl haar eigen Zeladoni van de negende grot de Eerste is om De Moeder te dienen (wat zoveel betekent als het opperhoofd van alle Zeladoni’s)
Alleen heeft Ayla weinig kennis van psychologische processen tussen de mensen en dat zal later in het boek haar zuur opbreken. Maar zoals gezegd er gebeurt niets. Eigenlijk worden deel 1 tot deel 5 opnieuw verteld, doordat Ayla, Jondolar, de mensen en de Zeladoni’s verhalen aan elkaar vertellen die men allemaal gelezen heeft in de vijf voorgaande delen. Dan besluit de Eerste om Ayla’s opleiding verder af te werken. Daarvoor dient ze, samen met een delegatie, ver afgelegen grotten en heilige plaatsen (beschilderde grotten, type Lascaux) te bezoeken. Ellenlange pagina’s worden er ‘verspild’ over de beschrijving hoe de mammoeten, holenleeuwen, reuzenherten en hyena’s op de beschilderde stenen ondergrond eruit zien. En net wanneer je denkt dat je alles reeds meermaals gehad hebt, begint het verhaal pas echt goed (maar dat pas na 350 bladzijden). Op doorreis naar een van de heilige grotten, stuit het gezelschap op de eerste misdadigers in de moderne zin van het woord. Een groepje plunderaars, verkrachters en moordenaars. Met behulp van de paarden en natuurlijk Wolf kunnen ze de mannen gevangen nemen en uitleveren aan de dichtbijgelegen grot, waar er zich net een vergadering plaats vindt van de plaatselijke Zeladoni’s. Deze geestelijke leiders geraken er niet uit of ze een doodstraf (met gif) moeten uitspreken dan wel een andere gepaste straf, tot het volk het heft in eigen hand neemt en de moordenaars doodschopt. De volgende Zomerbijeenkomst, het jaar daarop, wordt Ayla “geroepen” door De Moeder (ze krijgt een visioen door hallucinerende drank), die haar mededeelt dat haar medische zienswijze waardoor kinderen geboren worden niet door een geest maar door het “sap” van de man, de juiste is. De Zeladoni’s vinden deze nieuwe benadering zo nieuw en wereldschokkend dat dit alleen maar van De Moeder zelf is kunnen komen. Ayla wordt een volwaardige Zeladoni. Maar door haar vele medische en geestelijke interventies is ze veel van haar tent weg in het Zomerkamp. Haar inmiddels opgroeiende dochter (Jonayla) en haar man Jondolar lijden onder haar afwezigheid. Wanneer Ayla terugkeert nadat ze Jondolars oude moeder was gaan verzorgen, treft ze Jondolar aan met Marona (de plaatselijke hoer) in zijn armen. Ayla wil niet verder meer leven en bij een extreem gevaarlijk experiment met hallucinerende wortels, het kan haar toch niet meer schelen, blijft ze voor dood achter. De Eerste met al haar kennis, staat machteloos en kan haar niet meer helpen. Ayla lijkt op weg naar de volgende wereld. Hoe dan het verder afloopt laat ik aan de lezer over.
Met dit laatste zesde deel komt er een einde aan deze saga. Jean Auel is inmiddels al een eind in de zeventig en dat merk je ook een beetje. De eindeloze herhalingen in dit deel maken het geenszins tot de beste aflevering. Anderzijds zit de schrijfster in de tweede helft van het boek weer volop op haar schrijverstoel en wordt het even boeiend dan in de andere delen. Wanneer “Het lied van de grotten” 300 bladzijden minder was geweest had het een waardige afsluiter geweest. Maar Auel heeft deze kans gemist of is zoals vele ‘groten’ in hun genre, een brug te ver gegaan. Na negen jaar wachten is het ultieme laatste deel een ontgoocheling, dat zeker. Hoewel hier en daar de grootsheid ervan even opnieuw wordt geëvenaard. Dat neemt niet weg dat de vijf voorgaande delen zo geniaal zijn geschreven, om vingers en duimen af te likken, dat het een van weinige (de enige) boeken zijn die ik twee keer heb gelezen. 
PS: zie ook commentaar deel 5 (Een vuurplaats van steen)  in april 2011

dinsdag 7 juni 2011

De begraafplaats van Praag


Umberto Eco

Dit boek van Eco speelt zich af op het einde van de negentiende eeuw. De woelige tijd waarin Italië en Frankrijk nog volop hun nieuwe identiteit zoeken. Simonini is half Italiaans, half Frans en een door en door slecht mens. Hij is een sjacheraar, een onderkruiper, een leugenaar, een moordenaar, maar bovenal: een vervalser. Uit oude boeken scheurt hij de onbedrukte pagina’s en gebruikt die om – voor wie er maar voor betaalt – documenten op te stellen die oud en dus authentiek lijken.
Hij begint zijn carrière als spion in Italië, maar wanneer de grond daar onder zijn voeten te heet wordt, verhuist hij naar Parijs. Hij is een fanatiek jodenhater, een erfenis van zijn grootvader en schuwt geen enkele methode, waar of verdichtsel, om dit volk in discrediet te brengen. Hoewel hij nog nooit een Jood ontmoette, is zijn enige doel de regelrechte vernietiging van de Joden. Zijn vaste opdrachtgever wordt gaandeweg de overheid – de Italiaanse, aanvankelijk, maar ook de Franse en de Russische. Hij moet documenten fabriceren die nu eens de jezuïeten, dan weer de vrijmetselaars belasteren. Zijn eigen preoccupaties brengen hem op het idee om de Joodse begraafplaats in Praag – die hij slechts kent van horen zeggen – erin te betrekken. Die begraafplaats blijkt later nog meermalen in zijn verzinsels dienst te kunnen doen als decor voor sinistere bijeenkomsten, bijvoorbeeld een samenkomst van Joodse leiders die de wereldmacht willen overnemen.

Er lopen heel wat rare figuren rond in dit boek, soms echt vergezocht, maar dan blijkt dat al deze mensen ooit echt leefden en de dingen die beschreven staan ook dachten en deden. Simonini is maar een verzinsel, maar zijn grootvader leefde dan weer wel ooit om zijn antisemitische verzinsel neer te pennen. Het is verbijsterend te lezen welke argumenten en tegenargumenten deze negentiende-eeuwers gebruikten om Joden zwart te maken, en bij uitbreiding de jezuïeten, de vrijmetselaars,... en zo de basis legden voor het ideeëngoed van bv. de nazi's.

Het is een taai boek, maar zijn boeken van Eco dat niet per definitie? Er zijn heel wat belangengroepen, mensen die dubbelrollen spelen, bovendien is Simonini een gespleten persoonlijkheid, wat het lezen niet altijd gemakkelijk maakt. Het boek werd geschreven is de stijl van de negentiende eeuw, met een verteller, met illustraties en met clifhangers.
Een goed boek? Ja, maar mijn favoriete Eco blijft De naam van de roos.

donderdag 26 mei 2011

Congo, een geschiedenis


David Van Reybrouck

Wat 'In Europa' van Geert Mak is voor onze contreien, is dit boek voor Congo: een uitgebreid en voorzover ik het kan beoordelen, een zo objectief mogelijk verslag van de woelige geschiedenis van dit merkwaardige land.
In een lijvig, maar zeer leesbaar boek vertelt Van Reybrouck over Congo: van lang voor de kolonisatie, bv. de slavenhandel, de ontdekkingsreizen door blanken, over de Congo-Vrijstaat van Leopold II, de kolonie, de onafhankelijkheid en het overleven van een volk in een corrupte staat tot 2010, wanneer Congolezen proberen voet aan de grond te krijgen in China.
Natuurlijk wordt ook de rol die België en de rest van de wereld in deze geschiedenis speelde uitgebreid belicht.
Zeer verhelderend, waarheidsgetrouw ook, ik bedoel daarmee, ik lees in dit boek over gebeurtenissen en situaties, die ik ook van mijn vader gehoord heb (die het voor een deel zelf meemaakte).
Terecht bekroond.
Ook nuttig als naslagwerk.

zondag 22 mei 2011

Dewey, de bibliotheekkat


Vicky Myron

Wanneer Vicky Myron, de hoofdbibliothecaresse van de bib in Spencer, Iowa op de koudste dag van het jaar de inleveringskist voor boeken opende, kon ze nooit vermoeden dat ze daarin een klein, halfdood bevrozen katertje zou vinden. Het kleine beestje stal meteen haar hart, maar ook dat van andere bibliotheekmedewerkers. Ze besluiten om het katertje, dat ze Dewey Lees-Meer-Boeken dopen, te houden. Dewey blijkt een heel bijzondere kat te zijn, absoluut geschikt om met veel mensen en kinderen om te gaan en zo steelt hij al snel de harten van de bezoekers, ook van diegenen die aanvankelijk zeer sceptisch waren.
Dewey is negentien jaar de mascotte van de bibliotheek van Spencer geweest, een steun en toeverlaat voor vele mensen, hij werd (inter)nationaal beroemd en wordt nog door velen in het kleine stadje gemist.

Een plezierig boekje om te lezen, over hoe een kleine gebeurtenis als het vinden van een kitten zovele mensen, zovele jaren, ten goeden kan beïnvloeden. Een verhaal, waargebeurd, met lief en leed van mens en kat, een feelgood verhaal voor op de bus of het vliegtuig.

woensdag 4 mei 2011

Wolf Hall


Hilary Mantel

Engeland, begin 16e eeuw.
Hendrik VIII is koning en gehuwd met koningin Catharina van Aragon. Zoals we weten, krijgen ze samen geen levende zoon en dus wil de koning een andere vrouw, Anna Boleyn.
Tot zover kennen we ongeveer allemaal de geschiedenis wel.
Dit boek gaat over een deel van het leven van Thomas Cromwell, ons minder bekend dan zijn latere familielid Oliver Cromwell en zoon van een geweldadige smid die het brengt tot de belangrijkste persoon van het koninkrijk naast Hendrik VIII zelf.
Cromwell loopt weg van huis nadat zijn vader hem voor de zoveelste keer voor dood(geschopt en geslagen) achterlaat. Hij vlucht naar Italië om er soldaat te worden en later woont hij in Antwerpen, waar hij alles over de handel leert. Over deze periode is niet zo veel geweten en we vinden Cromwell pas terug in dienst van kardinaal Wolsey, waar hij een ijverige leerling is in het diplomatieke en politieke spinnenweb van de hofhouding.
Wanneer Wolsey in ongenade valt, hij kan de paus niet overtuigen het huwelijk van de koning ongeldig te laten verklaren; neemt Cromwell handig en onopvallend de plaats in van zijn leermeester. Dat hij goed opgelet heeft in de jaren dat Cromwell bij Wolsey werkte, blijkt al heel snel. Zeker als Cromwell erin slaagt om alle obstakels uit de weg te ruimen zodat de koning eindelijk zijn krijgt. Cromwell wordt na verloop van tijd dé man die de feitelijke macht in handen heeft.

Dit verhaal speelt zich af in de coulissen van de grote geschiedschrijving. Af en toe krijg je wel eens een glimp van het grote toneel (bv. het huwelijk en de kroning van Anna Boleyn), maar zelfs dan wordt de menselijke kant nog meer uitgesponnen. Meestal speelt het verhaal zich af in de antichambres, op straat, bij Cromwell thuis, wat het boek ook een alledaags tintje meegeeft.

Het is geen gemakkelijk boek, het is een heel dik boek en er lopen een heleboel personnages in rond en enig kennis van de geschiedenis is vereist, maar dit alles is niet dat wat het meeste stoort. De manier waarop het geschreven is, maakt het lezen soms moeilijk. Er zijn hele alinea's waarin het voornaamwoord "hij" wordt gebruikt, zonder dat je weet over wie het nu gaat, over wie er wordt gesproken en met wie. Soms moet je een stuk teruglezen om weer mee te zijn en dat is niet zo tof.
Al bij al is het een goed boek, als je van geschiedenis houdt, omdat het een -weliswaar fictief- maar intrigerend inzicht geeft in het leven van de mensen die in die woelige tijden leefden. Maar ook in de manier waarop het voor ons simpele feit, Hendrik werd baas van de Anglicaanse kerk, tot stand kwam, een feit dat in die tijd heel wat voeten in de aarde had.

zaterdag 30 april 2011

De liefdesboom

         Auteur: Jos Vandeloo
 
         Een man, een vrouw en een … boom zijn de hoofdrolspelers in deze nogal ongewone liefdesroman. waarin de vrouw en de boom een speciale band hebben en de man zowat de rol heeft van de ‘remedie tegen de liefde’. Het is een vreemde combinatie geworden van magisch-realisme, passie en werkelijkheid en eindigt als een hedendaags noodlotsdrama uit de oudheid. Het verhaal komt redelijk traag op gang, maar eens je in de sfeer zit, geraak je er moeilijk van los. Spijtig dat Vandeloo niet gans het verhaal door de mysterieuze toon aanhoudt, maar desondanks toch een zeer genietbare roman.

woensdag 27 april 2011

Walvis

        Auteur: Tom Naegels
       
        Deze roman is een lichtvoetig portret van twee hedendaagse vrouwelijke hangjongeren, Dana en Merel, die zich samen het kunstenaarsduo “Daantje de Merelkampioen” noemen.
Ze hebben maar één show, één gedicht en slechts enkele liedjes. Ze hebben een oude villa gekraakt, tot ze Frederik Brocatus ontmoeten een oudere hoofdredacteur van een onbeduidend schimmig krantje. Bij wijze van stunt ontvoeren ze Brocatus (ook al omdat Brocatus zich wil laten ontvoeren), onwillekeurig brengt hen dat tot meer populariteit. Veel gebeurt er niet in dit werkje maar het maakt je wel nieuwsgierig waar naartoe het verhaal zal leiden. Een middelmaat of een leuk tussendoortje met als positief punt dat het verhaal zich geheel in Antwerpen afspeelt.

dinsdag 19 april 2011

Facebook


Ben Mezrich

Harvard University, oktober 2003
In een van de meest prestigieuze universiteiten van de VS probeert iedereen zo goed mogelijk zijn best te doen (studeren kost er geld, veel geld), te stijgen op de sociale ladder en zo snel mogelijk hun eerste miljoen te verdienen. Maar niet alleen daarom valt ene Mark Zuckerberg op tussen alle anderen, hoewel erkend als een nerd en genie in het programmeren, heeft hij zijn eerste miljoen dollar afgewezen van Microsoft, iets wat de anderen totaal niet begrijpen en hij is ook nog eens sociaal compleet gestoord.
Wanneer een gearrangeerde date met een meisje slecht afloopt, wil Zuckerberg wraak, hij maakt een webside met de foto's van alle meisjes van de campus, om ze twee aan twee met elkaar te vergelijken. Na 20 minuten on line te zijn crasht zijn server, zo'n succes kent zijn spelletje. Het zet Zuckerberg aan het denken en met de financiële hulp van zijn vriend Eduardo Savarin ontwikkeld hij een -exclusieve Harvard- website "The Facebook", waarbij het daten, vrienden maken, de vrijgezellen op de campus spotten,... veel sneller gaat dan in het echt, wat hen goed uitkomt, want door drukke leventje hebben de studenten eigenlijk geen tijd om ook nog eens sociaal te zijn en vooral meisjes te scoren. De website kent een gigantisch succes en wordt al snel uitgebreid naar andere campussen, en krijgt meer en meer toepassingen. Zuckerberg gaat in zee met reclamemensen, laat zijn studies voor wat ze zijn, neemt personeel in dienst,... en de rest is geschiedenis, zeker.

Je krijgt natuurlijk ook nog het verhaal van de Winklevoss-tweeling, die (nu nog) proberen hun aandeel te krijgen in de Facebookmiljoenen, omdat ze mee aan de basis van het idee zouden hebben gestaan.

Het is op zich wel eens interessant om te lezen hoe het hele Facebook-verhaal nu eigenlijk in elkaar zit, waarom Zuckerberg wordt afgeschilderd als "not a nice guy", wie geld claimt en waarom ,...
Het is een sec boek geworden, er wordt weinig verteld over de mensen zelf in het boek, het gaat echt om het verhaal van Facebook en minder om wie er achter zit. Ik heb zelfs de indruk dat er over Mark Zuckerberg erg weinig geweten is, alleen dat hij nog erg jong is (°1984) en de jongste selfmademiljonair ooit.
Op zijn visitekaartje staat: I'm CEO - Bitch

woensdag 13 april 2011

De schilder van de schaduw

Auteur: Esteban Martin

In Barcelona op het einde van de 19e eeuw is de jonge getalenteerde Pablo Picasso op zoek naar nieuwe artistieke uitdrukkingsvormen. Door geldgebrek ziet hij zich verplicht te gaan wonen in een bordeel. Als niet lang daarna een van de hoertjes gruwelijk wordt vermoord, wijzen alle sporen naar de schilder. Door de plaatselijke commissaris wordt de hulp ingeroepen van de briljante Britse speurder ‘Arrow’. En dan valt er een tweede slachtoffer. Deze detective is (zeer) losjes gebaseerd op het leven van Picasso, maar is voor de rest pure fantasie. Het leest wel gemakkelijk weg, de betere detective zeg maar, meer moet dat niet zijn. Best te pruimen deze roman

Luchtgezichten


         
        Auteur: Gie Bogaert
        Wanneer een jongentje zijn jeugdvriendinnetje –het wintermeisje- uit zijn leven ziet verdwijnen, blijft hij met een grote leegte achter. Wanneer zij toevallig dertig jaar later opnieuw zijn pad kruist, is ze door een ziekte blind geworden en ze zoekt iemand die voorleest. Hij stelt zich kandidaat onder een andere naam, maar blinden ‘kijken’ met hun gehoor en hun gevoel. Deze kleine roman is een juweeltje van intens ingehouden gevoelens, mooi beschreven landschappen en heerlijke sferen.
Gie Bogaert is Antwerpenaar en zijn stijl doet bijwijlen aan Gail Tsukiyama denken.

Zout op mijn huid


auteur Benoïte Groult

Een meesterlijk romannetje over een Parisienne die gestudeerd heeft en een Bretonse visser. Vanaf hun jeugd hebben ze een passionele liefde voor elkaar en kunnen niet met elkaar leven. Ondanks dat, ontmoeten ze elkaar telkens opnieuw –intussen buitenechtelijk- in verschillende levensfases. Een levenslange passie dus tussen een zeeman en een docente. Een mooi geschreven verhaal waar er maar een ding telt bij hem en bij haar: smachten naar elkaar.  Een klassieker in de Franse literatuur.

zaterdag 9 april 2011

Een schitterend gebrek


Arthur Japin

Lucia is de dochter van het conciërgepaar op een landgoed in Italië. Ze is mooi, jong en ongekunsteld en wordt verliefd op de jonge Giacomo Casanova, die ter gelegenheid van een feest op het landgoed, te gast is. De liefde is wederzijds, het is hun beider eerste liefde.
Er wordt overeengekomen dat de Casanova na de winter zal terugkomen om met Lucia te trouwen. Tijdens die winter gebeurt er iets verschrikkelijks met Lucia en wanneer Giacomo terugkomt in de lente, wil ze hem niet zien. Ze wil niet met hem trouwen, opdat hij nog de toekomst zou hebben, die hij met haar nooit kan hebben. Ze hoopt dat een van hen beiden nog iets van zijn leven kan maken.
Vele jaren later ontmoet Lucia, nu Galathée, haar Casanova terug in Amsterdam. Hij herkent haar echter niet, mede omdat ze een sluier draagt. Samen brengen ze vele uren door, waarin Lucia leert dat, net als zij, haar vroegere verloofde niet ongeschonden uit hun verbroken relatie is gekomen. Lucia vertelt ons het verhaal dat Casanova nooit echt te weten kwam.

Een prettig leesbaar boek, maar ik had er na het lezen van Valslav (zie elders op deze blog) meer van verwacht. Dit is een vroeg werk van de auteur en misschien is hij ondertussen veel beter geworden?

Sarah's lot



Kathleen Kent

Sarah's moeder, Martha Carrier is een van de vrouwen die als heks werd opgehangen in Salem, Massachusettes op het einde van de 17e eeuw. De schrijfster, Kathleen Kent, is in de tiende generatie een afstammelinge van Sarah en wou in dit boek Sarah's verhaal vertellen.
Het gezin Carrier, moeder, vader, vijf kinderen, heeft het niet gemakkelijk in de koloniën (Massachussettes was toen nog bij Engeland): lange, koude winters, hete zomers, godsdiensttwisten, ziektes, hard werken en de veelvuldige overvallen van de Indianen zijn deel van hun leven. Daarbij komt nog een erfeniskwestie, waardoor een neef zich gepasseerd voelt en elke manier goed is om het gezin van "zijn" boerderij te jagen. Bovendien is het een trots en stug gezin, niet erg kerks en door dingen uit het verleden, hebben de mensen uit hun dorp hen niet hoog op. Ze worden er ook nog eens van beschuldigd de pokken te hebben meegebracht naar Andover.
Algauw gaat de ronde dat Martha een heks is, elke genezing, elke eigenaardigheid en elke ziekte worden aan haar toverkunsten toegeschreven.
Als in het naburige Salem een aantal heksen worden opgepakt, duurt het ook niet lang of Martha is aan de beurt. Ze is ervan overtuigd dat ze haar onschuld zal kunnen bewijzen, maar heeft geen enkel verhaal tegen de jonge meisjes die "behekst" zijn en de schuldigen aanwijzen. Niemand is veilig voor de rechtbank, noch notabelen, geestelijken, peuters,...
Later worden ook de kinderen opgepakt en komen in dezelfde gevangenis terecht als hun moeder. De omstandigheden zijn er ronduit afschuwelijk, maar ze hebben elkaar nog (al zitten ze niet allemaal in dezelfde cel). Alleen vader, een reus van een man, met een duister verleden in Engeland, wordt niet opgepakt, simpelweg omdat men te bang is van hem.
Martha wordt opgehangen en de kinderen komen vrij, omdat er steeds meer protest komt tegen de heksenprocessen en de onmenselijke omstandigheiden in de gevangenissen. Uiteindelijk zal men zelfs overgaan tot verontschuldigingen en het terugbetalen van de gemaakte kosten.

Het verhaal komt in het begin misschien wat traag op gang, maar het leest steeds vlotter en boeit zeker en vast. Het wordt emotioneel, zonder hysterie of meligheid, wanneer eerst moeder, en later de kinderen opgesloten zitten en zeker als Martha haar kinderen moet achterlaten om te sterven.
Het boek zet je in ieder geval maar weer eens aan het denken over wat mensen in wat of wiens naam elkaar toch aandoen en dat voor ocharme dat beetje dat we hier op onze Aarde mogen rondlopen. En twee, of wij het zoveel beter doen? :-(

De duim van Alva


Kisling & Verhuyck

Elk jaar weer klagen de mensen van het Zuid dat de Sinksenfoor hen meer en meer overlast geeft. Niet alleen het geluid en het licht stoort, maar er zou ook meer aggressie zijn.
Een aantal huiseigenaren willen deze klacht aangrijpen om de Foor definitief van de Gedempte zuiderdokken te verwijderen.
Anderen zijn ervan overtuigd dat het kwaad niet van de Sinksenfoor komt, maar uit de grond, wakker gemaakt door het dreunen van de grote attracties. Ooit stond hier immers de dwangburcht van Alva, die een waar schrikbewind voerde. En wat gebeurde er met zijn reusachtige standbeeld?
Wie gelooft dit allemaal en wie profiteert van dit verhaal?

Een leuk boekje om te lezen, zeker als je een beetje geïnteresseerd bent in de geschiedenis van Antwerpen, maar het is ook niet meer dan dat.

vrijdag 8 april 2011

Een vuurplaats in steen


Auteur: Jean Auel 
         De release van het zesde en laatste boek van de Aardkinderen ligt momenteel in de Amerikaanse boekenwinkels, op de bibliotheekuitgave in België is het nog even wachten maar goed. In ‘voorbereiding’ en om helemaal terug in het verhaal te komen heb ik de ‘Een vuurplaats in steen’ (deel 5) nog eens herlezen.
         Wanneer Ayla en Jondelar na een gevaarlijke overtocht over de gletsjer (deel 4) eindelijk in het land van de Zeladoniërs (Frankrijk) komen wacht hun een dubbelzinnige ontvangst. De Zeladoniërs kunnen maar niet snappen dat zij in het gezelschap van twee getemde paarden en een wolf hebben gereisd. De moeder van Jondelar, Marthona, haar levensgezel Willomar en het jongere zusje van Jondelar aanvaarden Ayla en de dieren onmiddellijk maar bij de overige stamleden in de scepsis groot. Bij een jachtpartij wordt een jongeman dodelijk gewond en Ayla begeleidt hem bij zijn stervensproces. De Zelandoni (de geestelijke leidster en onderlegd in de geneeskunst) merkt dat Ayla bijzondere gaven heeft en dat zij een volwaardige genezeres is, maar niemand bij het volk van Zelandoniërs aanvaardt dat, omdat zij haar kennis heeft doorgekregen van haar moeder bij de platkoppen (Neaderthalers).
         In dit deel is een vertederende bijrol weggelegd voor de getemde wolf, Wolf genaamd, die nauwelijks wijkt van de hoofdrolspelers.
         Op de jaarlijkse zomerbijeenkomst gaat Jondelar en Ayla een verbintenis (huwelijk) aan en de verbintenis is gezegend: Ayla is in verwachting. Wat volgens het bijgeloof een groot geluk voorspelt. De Zeladoni probeert Ayla tot acoliet (leerling) te maken maar Ayla zegt dat ze voor haar man en haar kind wil leven. Op zeker ogenblik loopt een jongen, zelfs nog geen man, een dubbele beenbreuk op bij een jacht op een wolharige neushoorn. Ayla zet de beenderen van de jongen en krijg op die manier de goedkeuring van velen niet in het minst van de Zeladoni. Na de zomerbijeenkomst en terug in de grot valt de winter in en wordt het dochtertje van Jondelar en Ayla, Jonayla geboren.
         Na een lang gesprek beseft de Zeladoni dat Ayla minstens evenveel geneeskundige en geestelijke kwaliteiten, of zelfs meer, in huis heeft dan haarzelf en moet het hoofd buigen voor Ayla. Maar Ayla blijft weigeren om Zelandoni te worden.
        
         Alhoewel deel 1 tot 3 (zie mei 2008) een subliem hoog gehalte aan historische en waarheidsgetrouwe decors herbergen, is het verhaal zelf uiteraard verzonnen. Met uitzondering van deel 4 (dit was naar mijn smaak een beetje te) is dit boek opnieuw weer even sterk als de 3 eerste delen. De prachtig beschreven machtsverhoudingen, het verhaal, de lichaamstaal, de liefde, de goedheid, de strijd om te overleven, de schoonheid van de natuur maar ook de ‘Vlaamsblok’ mentaliteit (ja toen al) van sommigen  en de intriges worden op een bijzonder geraffineerde manier verteld op een manier waarop je je zelf waant in het Stenentijdperk. Ja, ik had het deze keer weer. Wanneer tegen etenstijd ik het boek dichtklapte, moest ik mezelf er even aan herinneren dat ik maar iets uit de koelkast moest nemen en het elektrisch vuur opendraaien om te kunnen eten. Een fractie van een seconde bestonden mijn gedachten erin om een speer te nemen en op jacht te gaan en een haas of een sneeuwhoen te gaan vangen, zo geraak je van dit werk in de ban.
         Dit magistrale oeuvre (tot nog toe 5 delen) verdient een Nobelprijs. Nog nooit -ever- heb ik zo genoten van zulk overdonderd verteld verhaal. Dit is het beste op literair gebied dat ooit verschenen is. Nu maar hopen dat het slot en laatste deel 6 even goed wordt. Ik sta te popelen tot het in de bibliotheek ter beschikking ligt. (herlezen 04.2011)
  PS: Voor diegene die dit grandioos epos zou willen lezen is het aan te raden om bij deel 1 te beginnen, omdat elk deel het vervolg is van het vorige.

zondag 3 april 2011

De tijd van verwondering


Richard Holmes

Een boek over de wetenschap in de tijd van de Romantiek.
In de tweede helft van de 18e eeuw begonnen hoe langer hoe meer jonge mannen zich te interesseren voor de wetenschap. Het was in om de natuur te bestuderen, grote reizen te maken naar onbekende gebieden, en de mensen te verbazen met je ontdekkingen.
Het was een scharnierpunt in de wetenschapsgeschiedenis, een spannende tijd waarin alles nog te ontdekken was.

Holmes schrijft over Joseph Banks, botanicus op de Endeavour van kapitein Cook, over William en Caroline Herschel, over Humphrey Davy, diens assistent Michael Faraday,... maar ook over schrijvers als Mary Shelley, wiens Monster zeker geïnspireerd werd door de wetenschappelijke vorderingen van die tijd.
Er wordt ook veel gefilosofeerd en hoe de kunst, de wetenschap en de maatschappij elkaar beïnvloeden.

Een heel sterk boek, vlot geschreven, niet idolaat, er is zeker ook oog voor het harde werk dat aan de ontdekkingen vooraf ging, voor de fouten van de mens achter de wetenschapper en de fouten die wetenschapper maakt, maar ook met het waarom dat dat geen ramp is en kan leiden tot betere inzichten.
Het laatste derde deel van het boek mocht, wat mij betreft wat korter, wegens te weinig wetenschap en te veel poezie en filosofie en verder is het boek geschreven vanuit een zeer Brits standpunt (die eeuwige rivaliteit met Frankrijk), maar over het geheel genomen is het een heel interessant boek.